In 1909 begon men aan de bouw van het Wilhelminakanaal. Het kanaalgedeelte van de Amer naar Tilburg werd officieel geopend op 28 april 1919. Oorspronkelijk zijn er 38 bruggen over het kanaal gebouwd, waarvan er tien in Tilburg lagen: vijf draaibruggen en vijf ophaalbruggen. Daarvan rest er nu nog één, de draaibrug bij de Oisterwijksebaan.


Tijdens de Tweede Wereldoorlog zijn bijna alle bruggen en sluizen van het Wilhelminakanaal vernield. Vanwege materiaalschaarste heeft men zich lang moeten behelpen met noodbruggen, terwijl de stalen draaibruggen en ophaalbruggen met oude materialen zoveel mogelijk werden hersteld.
Tussen 1965 en 1986 is het kanaal tussen Oosterhout en Tilburg verbreed om het kanaal ook voor grotere schepen toegankelijk te maken. Dit ter bevordering van de industrie. De verruiming van het kanaal had tot gevolg dat de bruggen over dit deel van het Wilhelminakanaal moesten worden vervangen. Enkele ophaalbruggen en draaibruggen verdwenen ten gunste van vaste betonnen bruggen. Alleen de draaibrug in de Oisterwijksebaan bleef gehandhaafd.

De Oisterwijksebaan was ooit de belangrijkste verbindingsweg van Tilburg met Oisterwijk. De brug, niet ver van de ingang van de Piushaven gelegen, is indertijd als draaibrug uitgevoerd vanwege de geplande, maar nooit gerealiseerde tramverbinding met Oisterwijk.

Deze beweegbare brug is gemaakt van ijzer en staal en is in zijn leven enkele keren gerenoveerd (1951, 1993). De laatste keer zijn de middenpijler en de landhoofden vervangen en is de draaibrug voorzien van een nieuwe houten dek. De brugaandrijving is hydraulisch gemaakt en wordt elektrisch bediend. De centrale bediening van een aantal bruggen en sluizen van het Wilhelminakanaal gebeurt tegenwoordig vanuit het kantoor van het district Waterwegen, dat vlakbij de draaibrug is gevestigd.
Zie voor meer informatie ook: Binnenvaart in beeld
Bekijk ook




