Zowel langs de Maas (Maaslinie) als langs de Peel-Raamstelling zijn bij elkaar in de jaren ’30 van de twintigste eeuw honderden kazematten gebouwd ter verdediging van Nederland tegen een aanval vanuit het oosten. Die kazematten waren er in drie verschillende types.

Type S werd ook wel stekelvarken genoemd. Het was een lichte kazemat met drie schietgaten. Deze kazematten waren bewapend met één lichte mitrailleur en lagen tussen de 200 à 400 meter van elkaar af om zowel flankerend als frontaal vuur uit te kunnen brengen. Dit model was vrij kwetsbaar vanwege de afmetingen en grote schietgaten. Veel kazematten van dit model zijn in de meidagen van 1940 uitgeschakeld door een directe treffer op een van de schietgaten.

Type B was een flankerende kazemat van gewapend beton. De bewapening bestond uit één zware mitrailleur. De kazematten lagen ongeveer 1000 meter van elkaar af. Door een voorgelegen zware dekking van gewapend beton waren ze beveiligd tegen directe treffers op het schietgat.

Type G-kazematten hadden een gietstalen koepel in een betonnen ombouw. Ook deze kazematten waren bewapend met één zware mitrailleur en dienden om frontaal vuur af te geven op accessen door de stelling. Dit model kazemat was betrekkelijk klein, waardoor deze kazematten moeilijk te raken waren door vijandelijk vuur.


