Terug naar overzichtOverzicht
Veer Oudenbosch-Dordrecht

Veer Oudenbosch-Dordrecht

Anton Schuttelaars

24 september 2010

Water in Brabant

In de middeleeuwen kon men over land van Antwerpen naar Dordrecht en verder naar Holland reizen. De Sint-Elisabethsvloed van 1421 maakte aan deze situatie abrupt een einde: een groot gebied werd verzwolgen door het water, tussen Holland en Brabant lag plotseling een zee.

De situatie van circa 1565

Al snel werd dit gat in de oude weg tussen Antwerpen en Holland ‘overbrugd’ door boten die tussen de beide uiteinden van de oude route, Dordrecht in het noorden en Oudenbosch in het zuiden, heen en weer voeren.

Aanvankelijk ging het hier waarschijnlijk om particulier initiatief. De heer van Oudenbosch - vanaf 1458 was dat de heer van Bergen op Zoom, Jan II van Glymes, beter bekend als Jan metten Lippen – bezat het veerrecht. Hij ging in conclaaf met het stadsbestuur van Dordrecht, met als resultaat een ordonnantie op het veer.

Daarin werd bepaald dat er met goede schepen moest worden gevaren, bemand door een schipper en een scheepsknecht. Ook de tarieven werden vastgesteld: een volwassen passagier betaalde één stuiver, een kind jonger dan twaalf jaar de helft. De route liep van het veerhoofd bij Nieuwenbosch, gelegen aan de kop van de Oudenbossche Haven (tegenwoordig aan de Dintel tegenover Standdaarbuiten) via de Barlake over de Mooie Keene en de Roode Vaart naar het Hollands Diep en zo verder langs de Biesbosch en over de Merwede naar Dordrecht, waar werd aangemeerd aan het zogenaamde “Bossche Hoofd”.

De vele reizigers die gebruik maakten van het veer trokken ook in Oudenbosch hun beurs: de herbergen werden druk bezocht, het dorp bloeide op. In de tweede helft van de zestiende eeuw begonnen Dortse kooplieden te klagen over het veer, met name over de schippers en wagenvoerders van Oudenbosch. Dordrecht overwoog het veer te verplaatsen naar Geertruidenberg. De Markies van Bergen op Zoom stond in 1566 toe dat het veer uit Dordrecht ook in oostelijker gelegen Heer Jansland mocht aanmeren.

Schepen op het Hollands Diep (Brabant Collectie, THA, W 70 / 131 (1)

Toch bleef Oudenbosch de belangrijkste zuidelijke haven van het veer. De voortdurende oorlogssituatie eind zestiende, begin zeventiende eeuw bleek uiteindelijk funest voor het veer: Oudenbosch werd in 1583 platgebrand, geuzenschepen maakten de vaarroute onveilig. Van een regelmatige veerdienst tussen Oudenbosch en Dordrecht was rond 1600 geen sprake meer.

De Oudenbossche haven rond 1900

De rust van het Twaalfjarig Bestand zorgde nog wel even voor een opleving, maar met de hervatting van de vijandelijkheden in 1621 ging het veer definitief teloor. Wie voortaan vanuit het zuiden naar Dordrecht wilde, kon vanaf 1631 in Zevenbergen op de pont stappen.

Bekijk ook

Veren in Brabant

Water in Brabant

De meesten zullen niet aan Brabant denken als het over “Nederland Waterland” gaat. Toch speelt het water ook in onze provincie een belangrijke rol. En eigenlijk is dat al heel lang zo: Noord-Brabant telt meer natuurlijke beken en beekjes dan bijvoorbeeld Gelderland. Brabanders hebben veel last gehad van het water. Denk daarbij aan overstromingen en aan de Beerse Maas. Op andere plekken was er regelmatig een watertekort. Zonder waterbeheersing zou een deel van de provincie onbewoonbaar zijn. Anderzijds verdienen we ook veel aan het water: als krachtbron, transportmiddel, in het productieproces of door visserij bijvoorbeeld. En we genieten van goed drinkwater, badhuizen, zwemwater en recreatieplassen. In dit thema bekijken we het water vanuit allerlei invalshoeken, zonder daarbij volledig te willen zijn. Klik hierboven op het onderwerp van je keuze voor meer informatie. Lees de uitgebreide inleiding Of deel je eigen verhaalOntdek het thema

Reacties

Reacties laden…

Veer Oudenbosch-Dordrecht