Terug naar overzichtOverzicht

St. Vincentius kleinseminarie eind jaren veertig

Ad Habraken

8 oktober 2020

Bijgewerkt op 12 oktober 2020

Kleinseminarie Sint Vincentius in Zundert

In genoemd internaat verbleef ik van september 1948 tot augustus 1950. Na vijf jaar lager onderwijs op een dorpsschooltje werd ik, als elfjarig manneke, capabel geacht een gymnasiale studie te gaan volgen.

Straatkant van St. Vincentius (collectie BHIC, eigendom Henk Buijks)

Ik was echter nog nooit één nacht van huis geweest en angstvallig verwijderd gehouden van alles wat mijn “onschuld” zou hebben kunnen bezoedelen. Als kind zonder enige ervaring in de grote mensenwereld werd ik op een donkere septemberdag op de trein naar Breda gezet, alwaar een bus klaarstond om me naar Zundert te brengen. Hier ontmoette ik een woongemeenschap welke mij volkomen vreemd was. Ik kende niemand, sprak nauwelijks beschaafd Nederlands en wist absoluut niet hoe ik me moest gedragen.

Over de twee jaren van mijn verblijf op Wernhoutsburg kan ik veel vertellen. In dit bestek beperk ik me tot een korte sfeerimpressie. Het seminarie was een internaat naar Frans regime. Zo’n 130 jongemannen, vaak uit gegoede families en met in ieder geval een goede studiebasis, volgden hier de gymnasiale opleiding als voorbereiding op het priesterschap. De dagindeling is streng. ’s-Morgens om half zeven opstaan, om zeven uur in de kapel voor de Mis, waarna ontbijt.

De refter (eetzaal) van St. Vincentius (collectie BHIC, eigendom Henk Buijks)

Alle verplaatsingen gaan in rijen van twee zonder te spreken. Dagelijks wordt er les gegeven van negen uur ’s-morgens tot vijf uur ’s-avonds. Op woensdag- en zaterdagmiddag  is het verplicht sporten. De avonden worden doorgebracht in de studiezaal, waar constant wordt gesurveilleerd. Op zon- en feestdagen is de reveille iets later. Ook dan behoort studie tot de bezigheden.

Dagelijks wordt tijdens de maaltijden door een oudere student voorgelezen. Deels zijn dit Latijnse teksten, maar ook wordt steeds een hoofdstuk uit een literair werk behandeld. Dit kan zowel in het Nederlands als in een van de drie moderne talen zijn. Leesfouten worden, na een belletje van de Eerwaarde Overste, door deze gecorrigeerd.

Studiezaal (West-Brabants Archief RAW014029307)

Publieke executie is overigens een normale zaak binnen deze gemeenschap. Eén keer in de maand worden op zondagmiddag in de studiezaal de vorderingen in studie en gedrag van alle studenten in het openbaar besproken. Wanneer de Overste het nodig oordeelt correctieve opmerkingen te plaatsen, wordt de betreffende student gesommeerd te gaan staan en worden ten aanhoren van de verzamelde gemeenschap de feilen en misdragingen voorgelezen. Het is een soort openbare biecht waarbij iemand anders vertelt wat je hebt misdaan. Een grotere vernedering bestaat er niet. Een weerwoord is niet toegestaan. Tijdens een van deze sessies wordt mij, terwijl ik moet gaan staan, medegedeeld, dat het verboden is om steeds met dezelfde medeleerling om te gaan. Ook de naam van de betrokken medestudent wordt genoemd! De zin van deze opmerking ontgaat mij (op dat moment) volledig!

Het bovenstaande is slechts een summiere beschrijving van hetgeen deze samenleving inhield. Elke “professor” voerde tijdens de lessen ook nog zijn eigen regime. Het gaat te ver om daar in dit kader op in te gaan. Eén ding is zeker: ik heb hier een zelfredzaamheid ontwikkeld welke me mijn leven lang van dienst is geweest! Ik had het voor geen goud willen missen!

In Wernhoutsburg, nu een buurtschap van Zundert, lag vroeger het kleinseminarie Sint Vincentius (vernoemd naar de heilige Vincentius à Paulo) van de Lazaristen. Het was een gymnasium met internaat, bedoeld voor jongens met een kloosterroeping. Aan het einde van het schooljaar 1966-1967 ging deze kostschool dicht, een gevolg van het dalende aantal aanmeldingen. Oud-leerlingen van deze school zullen zich niet alleen de Lazaristen, maar ook de zusters van het internaat nog wel herinneren. Deze Dochters der Liefde van de Heilige Vincentius à Paulo, zoals de zusters voluit heetten, namen op het kleinseminarie namelijk alle huishoudelijke taken voor hun rekening zoals koken, wassen en naaien. Met hun wijd uitstaande witte kappen waren deze Dochters der Liefde misschien wel de meest opvallende verschijning van alle vrouwelijke kloosterlingen in Nederland. Het leverde hen in Tilburg en omstreken de bijnaam ‘vliegkappen’ op. Lees verderOntdek het thema

Reacties

Reacties laden…