Terug naar overzichtOverzicht
Hoog Bezoek: Staking legt slachterij in Boxmeer plat

Hoog Bezoek: Staking legt slachterij in Boxmeer plat

In Hoog Bezoek belicht De Gelderlander de periode 1895-1928 aan de hand van de werkbezoeken van commissaris van de Koningin Van Voorst tot Voorst. In samenwerking met het Brabants Historisch Informatie Centrum. Vandaag aflevering 30: arbeidsonlusten in Boxmeer.

De exportslagerij van de firma Jos. Lion Löwenberg is begin vorige eeuw de grootste werkgever van Boxmeer. Op een gegeven moment werken er 400 mensen. De slachterij staat bij het spoor, op een terrein dat later uitgroeit tot industrieterrein Saxe Gotha. De spoorlijn is niet onbelangrijk. Via een aftakking naar de fabriek kan de aanvoer van varkens en de afvoer van vleesproducten met wagons gebeuren. De firma verkoopt onder meer bacon, die wordt uitgevoerd naar Engeland, maar er worden ook afgeleide producten gemaakt, zoals zeep en margarine.

De vleesmarkt is een grillige. Eind 1921 is de situatie weinig rooskleurig en kondigt de directie een loonsverlaging af van 20 procent. Na ‘conferenties’ met de vakbonden wordt dat teruggedraaid naar 15 procent. Behalve… voor de 48 geschoolde arbeiders. Die hoeven niets in te leveren. Maar die vertonen een zeldzaam staaltje van solidariteit. “Houd bij ons ook maar 5 procent in”, zeggen ze, “dan is de pijn voor de anderen niet zo groot.” De landelijke pers schrijft lovend over die saamhorigheid. Directie en arbeiders gaan nog eens rond de tafel en bereiken een compromis: 8 procent verlaging voor álle 180 arbeiders.

Grafsteen van Samuël de Wijze in Vierlingsbeek

Het akkoord brengt slechts tijdelijk rust in de tent. Als de commissaris der Koningin op 1 juni 1922 Boxmeer bezoekt, zijn er arbeidsonlusten. Hij noteert in zijn dagboek: Voor een pr. dagen brak er eene staking uit op de exportslagerij van de firma Lion-Löwenberg, omvattende ruim 150 man = het heele lagere arbeiderspersoneel. Lion (…) wilde er weer 10% af doen. Personeel wilde voor hetzelfde loon als vroeger 48 uur werken tegen Lion 45 uur. Lion was daarmee niet tevreden en wilde, dat er voor dat loon 50 uur zou gewerkt worden. (…) De arbeiders hebben het niet zoozeer tegen Lion, als wel tegen diens opzichters, vooral tegen S. de Wijze.

Blijkbaar is die Samuel de Wijze (1853-1933) geen gemakkelijke. ‘Sam de Jud’, zoals de arbeiders hem noemen, stamt af van een slagersfamilie uit Beugen. Net als Joseph Silo Lion (1871-1943), de oprichter en naamgever van de fabriek, is hij joods. Samuels kleinzoon, Louis de Wijze (1922-2009), zal later in Cuijk de Homburgfabriek groot maken. De familie Lion zal in 1943 door de nazi’s uit Boxmeer worden weggevoerd en omkomen in kamp Sobibor.

De staking waar de commissaris over rept, duurt maar een paar dagen en heeft weinig effect. In de maand erop ontslaat Lion vijftig arbeiders en de ontslaggolf gaat door totdat er uiteindelijk nog maar een man of honderd werken. De internationale vleesmarkt is moeilijk en de fabriek mag voor Boxmeerse begrippen groot zijn, internationaal gezien is Lion een kleine speler. Er zijn oplevingen, zoals in 1926 als de vraag uit Duitsland  toeneemt, maar steeds volgt terugval. Er is geduchte concurrentie uit Denemarken, Zweden en de Baltische staten en soms zijn er gewoon te weinig varkens.  

Advertentie voor de in Boxmeer gemaakte margarine 'Lexion'

In 1928 stopt Lion ermee. Hij verkoopt de fabriek aan een Engelse firma en even heeft het Boxmeerse bedrijf een internationale naam: The Boxmeer Bacon Co. Ltd. De Britten brengen zelfs een margarine op de markt die in Boxmeer wordt gemaakt: Lexion. In 1929 slaat de crisis onbarmhartig toe. Drie dagen voor kerstmis krijgen alle 150 arbeiders te horen dat het bedrijf per 1 januari stopt. De krant schrijft: ‘Dat voor velen de kerststemming goeddeels is bedorven laat zich begrijpen’.

Illustraties

Advertentie voor de in Boxmeer gemaakte margarine ‘Lexion’Grafsteen Samuel de Wijze op joodse begraafplaats Vierlingsbeek.

Dit verhaal verscheen eerder in dagblad De Gelderlander.

Bekijk hier alle verhalen in de serie Hoog Bezoek

Noord-Brabant door de ogen van de CdK Tussen 1894 en 1928 was Mr. A.E.J. baron Van Voorst tot Voorst Commissaris van de Koningin in Noord-Brabant. Een van zijn taken was het regelmatig bezoeken van alle gemeenten in de provincie. Daarvan hield hij een soort dagboek bij, waarin hij zijn mening niet onder stoelen of banken stak!Klik op de gemeente van je keuze om te lezen wat hij daarover te vertellen had. En laat vooral ook je reactie achter! Of lees eerst de inleiding De commissaris liet zijn notities per gemeente bij elkaar bewaren, dat was handig als geheugensteun bij een volgend bezoek. Om zijn reizen te kunnen volgen hebben wij ze ook in tijdsvolgorde bij elkaar gezet. Lees hier de verhalen in chronologische volgorde N.B. ZOWEL IN DE INLEIDING ALS IN DE VERHALEN IN CHRONOLOGISCHE VOLGORDE KUN JE NAAR WOORDEN ZOEKEN DOOR DE TOETSEN 'Ctrl' EN 'F' TEGELIJK AAN TE SLAAN.Ontdek het thema

Reacties

Reacties laden…

Hoog Bezoek: Staking legt slachterij in Boxmeer plat