Terug naar overzichtOverzicht
Detail kaart van Van deventer, c. 1560

Helmondse watermolen

Paul Huismans

24 maart 2010

Water in Brabant

De molen die in 1314 werd vermeld, lag aan wat nu De Wiel heet. Later, maar al vóór 1410, is hij stroomafwaarts verplaatst, nog altijd vlakbij het kasteel van Helmond. Deze molen mocht het gehele jaar malen, in tegenstelling tot de meeste andere molens op de Aa. Tot aan de afschaffing van de heerlijke rechten in 1798 was het een banmolen: ingezetenen van de stad en de heerlijkheid waren verplicht hier hun graan te laten malen.

Detail van de kaart van Van Deventer, c. 1560
Detail van de kaart van Van Deventer, c. 1560

 Uit een vermelding in 1816 weten we, dat de watermolen toen ook werd gebruikt voor het malen van mout en als pelmolen. De molenaar had op dat moment één knecht in dienst.

Situatie rond 1800. Klik voor een groter beeld
Situatie rond 1800. Klik voor een groter beeld

Om voldoende waterkracht te verkrijgen, moest het water voor de molen worden opgestuwd. Dit leverde vaak klachten op over overstromingen stroomopwaarts van de molen. Overheidsmaatregelen, zoals het vaststellen van het maximale waterpeil in 1545, lapten de molenaars echter vaak aan hun laars.

De molen in 1861 (bron: RHC Eindhoven)
De molen in 1861 (bron: RHC Eindhoven)

Toen kasteelheer Carel Frederik Wesselman de molen omstreeks 1850 verkocht, werd bepaald dat de molenaar de molensluis moest openen wanneer de Kasteelse Tuinen drassig werden of onder water zouden raken.

De molen werd gekocht door Hendrikus Raijmakers; molenaar was Cornelis Spranger. Raijmakers verkocht de molen aan P.J. van Asten, bakker te Helmond. Omstreeks 1870 kwam hij in handen van J.H. Nelis, molenaar te Helmond.

De familie Nelis bleef eigenaar van de molen tot aan de sloop. Aan het eind van de 19e en in het tweede decennium van de 20e eeuw vonden enkele verbouwingen plaats.

Rond 1930
Rond 1930

Toen er plannen werden gemaakt om de Aa bij Helmond om te leggen ter verbetering van de waterbeheersing, verdedigde W.R.C. Nelis zijn stuwrechten.

Maar rond 1942 kocht de gemeente Helmond de molen en het molen- en stuwrecht aan voor 25.000 gulden, waarschijnlijk met de bedoeling de molen te slopen. Andere belanghebbenden, zoals het Waterschap Het Stroomgebied van de Aa en lokale fabrikanten droegen bij in de kosten; het waterschap voor 20% en de fabrikanten voor 60%.

Zonder waterrad
Zonder waterrad

De waterwerken bestaan inmiddels niet meer, het gebouw is in de jaren ’30 in gebruik genomen als chemisch fabriekje.

Bekijk ook

Watermolens in Brabant

Water in Brabant

De meesten zullen niet aan Brabant denken als het over “Nederland Waterland” gaat. Toch speelt het water ook in onze provincie een belangrijke rol. En eigenlijk is dat al heel lang zo: Noord-Brabant telt meer natuurlijke beken en beekjes dan bijvoorbeeld Gelderland. Brabanders hebben veel last gehad van het water. Denk daarbij aan overstromingen en aan de Beerse Maas. Op andere plekken was er regelmatig een watertekort. Zonder waterbeheersing zou een deel van de provincie onbewoonbaar zijn. Anderzijds verdienen we ook veel aan het water: als krachtbron, transportmiddel, in het productieproces of door visserij bijvoorbeeld. En we genieten van goed drinkwater, badhuizen, zwemwater en recreatieplassen. In dit thema bekijken we het water vanuit allerlei invalshoeken, zonder daarbij volledig te willen zijn. Klik hierboven op het onderwerp van je keuze voor meer informatie. Lees de uitgebreide inleiding Of deel je eigen verhaalOntdek het thema

Reacties

Reacties laden…

Aanbevelingen van Paul Huismans

VerhaalDe AaDe rivier de Aa ontspringt in de omgeving van de hooggelegen gronden van Meijel. Ooit siepelde het water langzaam uit de hoogveenspons van de Peel. Tegenwoordig vormen vele kleine, gegraven slootjes en watergangen de bovenlopen van de Aa. De rivier slingert door de Centrale Slenk in noordnoordwestelijke richting naar Den Bosch. De rivier is zo’n 72 km lang en het hoogteverschil is 30 meter. Belangrijke zijrivieren van de Aa zijn de Goorloop, die ontspringt op de Strabrechtse Heide en bij Veghel in de Aa uitmondt, en de Astense Aa, die tussen Asten en Helmond in de Aa uitstroomt.VerhaalHooidonkse watermolenWe weten niet precies hoe oud de Hooidonkse watermolen, gelegen aan een kunstmatige aftakking van de Dommel, eigenlijk is. Het kan zijn dat er al rond 850 een molen lag bij de Frankische nederzetting hier, maar het is ook mogelijk dat hij (pas) in de 13e eeuw is gesticht bij het adellijke vrouwenklooster van Hooidonk. Hoe het ook zij, de molen bestaat nog steeds en is sinds 2005 zelfs in gebruik als kleine electriciteitscentrale.VerhaalVenbergse MolenDe meest zuidelijke, nog bestaande watermolen op de Dommel in Nederland is de Venbergse watermolen. Hij ligt ten zuiden van Valkenswaard aan de Dommel. Hij wordt voor het eerst vermeld in 1227, als gedeeld bezit van het vrouwenklooster in Postel en de Hertog van Brabant. Na de opheffing van dit klooster kwamen de meeste goederen aan de Norbertijnenpriorij in Postel. In 1345 werd de priorij volledig eigenaar van de molen.
Helmondse watermolen