Terug naar overzichtOverzicht
Bouw watertoren 1970 (oude toren op de achtergrond). Foto: RHCe

Watertoren Eindhoven, Antoon Coolenlaan

Gerjan Hulsegge

25 november 2009

Water in Brabant

De watertoren aan de Antoon Coolenlaan is niet alleen de allerlaatste watertoren die er in Nederland gebouwd is, hij is ook veruit de grootste. Bovendien wijkt de markante constructie met zijn drie grote stalen bollen compleet af van het traditionele beeld van de Nederlandse watertoren.

Bouw watertoren 1970 (oude toren op de achtergrond). Foto: RHCe

Deze opvallende watertoren staat bijna op dezelfde plek als zijn voorganger, die in 1970 is afgebroken. Deze oude toren was behoorlijk bouwvallig geworden. De Rotterdamse architect Wim Quist kreeg de opdracht om een ontwerp te maken. Hij kwam met een futuristisch model, dat op het Eindhovense stadhuis wel eens gekscherend de “ballen van Hustinx” werd genoemd. Hustinx was in de aanloopfase van de bouw directeur van het gemeentelijk waterleidingbedrijf.

Plaatsing van de bollen. Foto: RHCe

De constructie die Quist ontwierp, bestond uit drie grote stalen bollen met elk een opslagcapaciteit van 500.000 liter water. Daarmee was de nieuwe Eindhovense watertoren veruit de grootste van heel Nederland. Die enorme capaciteit was nodig om een nieuwe watertoren nog bestaansrecht te geven. Want in deze jaren begon het proces van het buiten gebruik stellen van watertorens, omdat ze meestal niet meer in staat waren aan de groeiende vraag te voldoen. Je kunt achteraf concluderen, dat dit bijzondere staaltje van watertorenarchitectuur eigenlijk de laatste stuiptrekking van het hele fenomeen watertorens is geweest.

Het bouwwerk was voor zijn tijd niet alleen uitzonderlijk wat betreft zijn vorm, ook de bouw zelf kende spectaculaire momenten, zoals het plaatsen van de bollen op de kolommen. Elke bol heeft een doorsnede van 10 meter en weegt 60 ton. Om de bollen op de kolommen te plaatsen was een 165-tons kraan van 65 meter hoog nodig.

Wim Quist heeft veel bekende bouwprojecten op zijn naam staan. In Noord-Brabant ontwierp hij het hoofdkantoor van de CSU in Breda en was hij verantwoordelijk voor de uitbreiding van het Noordbrabants Museum, eind jaren ‘80. Van 1968 tot 1975 was hij hoogleraar aan de TU Eindhoven en van 1975 tot en met 1979 Rijksbouwmeester.

Toen de gemeente Eindhoven in 2000 het idee kreeg om de waterbollen uit te dossen als voetballen (in het kader van het EK voetbal, dat toen door Nederland en België werd georganiseerd), stuitte dat op fel protest van de architect. Het is bij een plannetje gebleven. De Nederlandse Watertorenstichting rekent inmiddels de bollentoren van Quist tot de 20 toptorens (meest waardevolle torens) van Nederland.

Bekijk ook

Watertorens in Brabant

Water in Brabant

De meesten zullen niet aan Brabant denken als het over “Nederland Waterland” gaat. Toch speelt het water ook in onze provincie een belangrijke rol. En eigenlijk is dat al heel lang zo: Noord-Brabant telt meer natuurlijke beken en beekjes dan bijvoorbeeld Gelderland. Brabanders hebben veel last gehad van het water. Denk daarbij aan overstromingen en aan de Beerse Maas. Op andere plekken was er regelmatig een watertekort. Zonder waterbeheersing zou een deel van de provincie onbewoonbaar zijn. Anderzijds verdienen we ook veel aan het water: als krachtbron, transportmiddel, in het productieproces of door visserij bijvoorbeeld. En we genieten van goed drinkwater, badhuizen, zwemwater en recreatieplassen. In dit thema bekijken we het water vanuit allerlei invalshoeken, zonder daarbij volledig te willen zijn. Klik hierboven op het onderwerp van je keuze voor meer informatie. Lees de uitgebreide inleiding Of deel je eigen verhaalOntdek het thema

Reacties

Reacties laden…