Terug naar overzichtOverzicht
Vliegbasis Woensdrecht

Vliegbasis Woensdrecht

Paul Huismans

6 november 2014

Vliegvelden in Brabant

De Woensdrechtse Heide had blijkbaar aantrekkingskracht voor de luchtvaart. Al heel vroeg was er een tijdelijk vliegkamp. Maar pas midden jaren ‘30 leidde een mislukt ontginningsproject tot een echt vliegveld.

Vliegkamp op de Woensdrechtse Heide

In 1910 werd in Rotterdam de N.V. Rotterdamsche Vliegvereeniging (RVV) opgericht. De vereniging kocht een Blériot XI en stelde het toestel “met aviateur” ter beschikking van het ministerie van Oorlog voor het houden van demonstraties tijdens de najaarsmanoeuvres van het leger in 1911. Dat is de eerste legeroefening waarbij ook vliegtuigen worden ingezet.

Het militaire oefenterrein op de Woensdrechtse Heide. Onderaan is de loods te zien (bron: Nationaal Archief, toegang 4TOPO, kaart 10.662)
Het militaire oefenterrein op de Woensdrechtse Heide. Onderaan is de loods te zien (bron: Nationaal Archief, toegang 4TOPO, detail van kaart 10.662)

Maar al in april gaat Joseph Maurer, de piloot van de RVV vliegen op het militaire oefenterrein op de Woensdrechtse Heide. In Nederland is hij beter bekend als Jan van Bussel. Er moet immers onderzocht worden of de Blériot wel geschikt is als militair vliegtuig.

Jan van Bussel en de Blériot bij de tent-hangar (West-Brabants Archief, foto RVEL008)
Jan van Bussel en de Blériot bij de tent-hangar (West-Brabants Archief, foto RVEL008)

Een tent dient als tijdelijke hangar. Die staat dicht bij de loods op het terrein. Aanvankelijk vliegt Van Bussel alleen voor en met officieren van het 3de Regiment Infanterie, maar op Tweede Paasdag en de dag daarna is ook het grote publiek welkom op het anders afgesloten terrein.

Eigenlijk is de RVV van plan om het terrein permanent te huren. Maar daags na de demonstraties wordt alles weer naar Rotterdam verscheept. En de Rotterdamsche Vliegvereeniging gaat dat najaar failliet. Tot een langer gebruik van de heide als vliegveld komt het dan ook niet.

Vliegveld De Eendenkooy

Kaart van het vliegveld, 1942 (coll. NIMH)
Kaart van het vliegveld, 1942 (coll. NIMH)

Tijdens de economische crisis van de jaren dertig ontwikkelde de gemeente Woensdrecht 38 hectare heide en woeste grond bij de eendenkooi voor de landbouw. Maar er werden hoge pachtprijzen gevraagd en de belangstelling was gering. Daarop besloot burgemeester Rubert om het gebruik van het terrein als vliegveld te promoten: het lag immers op de vliegroute Amsterdam-Brussel-Parijs. Pogingen om de financiering rond te krijgen mislukten, tot hij in 1934 de gemeenteraad om kreeg: de gemeente zou het zelf aanleggen.

Het eerste, grotere toestel dat er in 1935 landde, een Fokker F.VIII, strandde in de zandige bodem. Het terrein was dan ook deels te drassig en deels te droog. Toch vond de Bergen-op-Zoomsche Zweefvliegclub er zijn basis en gebruikte het leger het voor verkenningsvluchten.

Juist toen het gemeentebestuur per 1 september 1939 de handdoek in de ring wilde gooien, vorderde het ministerie van Defensie het terrein als reservevliegveld voor Eindhoven. De landingsbaan werd versperd met putringen.

Feldflugplatz Hoogerheide

Zo viel het vliegveld op 14 mei 1940 in Duitse handen, die het in 5 dagen operationeel hadden. Tot in de zomer van 1944 volgden uitbreidingen en verbeteringen.

Aanvankelijk verliep de oorlog voor dit vliegveld vrij rustig. Er werden jachtvliegtuigen gestationeerd, die vanaf 1942 vooral voor kustverdediging werden ingezet.

In 1943 nam de geallieerde luchtmacht in sterkte toe, steeg het aantal bombardementsvluchten naar Duitsland en daarmee ook het aantal luchtgevechten. Vooral in augustus werd er fel gevochten. Op 31 augustus 1943 werd de Duitse elite-eenheid I./JG 26 teruggetrokken van Woensdrecht. Daarna werd het vliegveld vooral nog gebruikt voor nood- en tussenlandingen. Een reeks geallieerde bombardementen betekende het einde van Feldflugplatz Hoogerheide. Aan de vooravond van Dolle Dinsdag werd het terrein vernield en verlaten.

B.79 Woensdrecht

Luchtfoto van vliegveld Woensdrecht in de Tweede Wereldoorlog (bron: Ministerie van Defensie)
Luchtfoto van vliegveld Woensdrecht in de Tweede Wereldoorlog (bron: NIMH)

Eind oktober 1944 hadden Canadese troepen de omgeving van Woensdrecht vast in handen. Medio december was het vliegveld weer bruikbaar. Het werd onder de codenaam B.79 de basis voor Britse en Noorse wings van de RAF. Tot die laatste hoorde ook een Nederlands squadron.

Vanuit Woensdrecht werden gronddoelen aangevallen en bommenwerpers begeleid. Toen in februari het strijdtoneel zich richting Duitsland verplaatste, kwam Woensdrecht te ver van het front te liggen. De vliegtuigen vertrokken, al werd het vliegveld bruikbaar gehouden. In mei 1946 werd de basis overgedragen aan de Nederlandse luchtstrijdkrachten.

Vliegbasis Woensdrecht

In 1953 werd de vliegbasis gebruikt voor hulpverlening tijdens de watersnood. Dat jaar werd ook de straalmotorenwerkplaats op de vliegbasis gevestigd. Daarvoor werden betonnen start- en taxibanen aangelegd. In 1968 werd het militaire vliegverkeer gestaakt: Woensdrecht werd een reservevliegbasis.

Tussen 1983 en 1987 waren er vaak heftige protesten tegen plannen om kruisraketten te stationeren op Woensdrecht. Door ondertekening op 8 december 1987 van het INF-verdrag zagen de Verenigde Staten en de Sovjet Unie af van dergelijke wapens.

Tegenwoordig is vliegbasis Woensdrecht een opleidings- en logistiek centrum van de Koninklijke Luchtmacht. En o ja, de zweefvliegclub is er ook nog steeds.

De geschiedenis van de luchtvaart in Nederland begint in Noord-Brabant: in 1909 steeg in deze provincie voor het eerst een vliegtuig op (in Etten) en een jaar later, in 1910, werd het eerste vliegveld in ons land geopend bij Gilze-Rijen. En de eerste Nederlander die een privé-vliegtuig aanschafte, was de toenmalige burgemeester van Aarle-Rixtel, A. Albers Pistorius. Dat was in 1919. Hij maakte gebruik van het vliegveld Molenheide. Want al voor, maar vooral ook tijdens de Tweede Wereldoorlog groeide het aantal vliegvelden. Tijdens de Tweede Wereldoorlog kregen alle vliegvelden een militaire bestemming en voorzover ze daarna bleven bestaan, hielden ze die meestal ook. Voor de sportvliegerij en de burgerluchtvaart kwamen er later nieuwe vliegvelden bij. De uitzondering is Eindhoven: daar delen militaire en burgerluchtvaart nog steeds de start- en landingsbaan. Lees meerOntdek het thema

Reacties

Reacties laden…