Terug naar overzichtOverzicht
watermolens, roosendaal kaart2.jpg

Roosendaalse watermolen

Paul Huismans

26 augustus 2010

Water in Brabant

In 1157 wordt in de archieven voor het eerst een molen aan de Molenbeek genoemd, in een beschrijving van eigendommen van de abdij van Tongerlo. Hiermee is mogelijk echter de watermolen in Essen (België) bedoeld. De molen onder Hulsdonk bij Roosendaal, in de huidige wijk Kroeven, zou dan iets later zijn gebouwd. Maar het was in elk geval één van de oudste in Brabant.

Het molenrecht was in het bezit van de Heren van Lodewijcke. In een akte uit 1279 is sprake van de molen, die dan eigendom is van het klooster St. Catharinadal. In de loop van zijn bestaan functioneerde de watermolen als graan-, olie- en schorsmolen. Sinds de 18e eeuw werd hij alleen nog gebruikt voor het malen van graan. Toen in 1832 het kadaster werd ingevoerd was de molen in bezit van de weduwe C. Timmermans.

De watermolen in 1940
De watermolen in 1940

Rond 1835 werd hij verkocht aan L.J. Schoonheijt, klerk te Roosendaal, maar al snel kwam hij in handen van achtereenvolgens Maria Isabella van der Stege de Rousval en Philippe Maria Henri graaf van der Stege de Putte, beiden uit Brussel. Vanaf ongeveer 1850 was L.J. Schoonheijt eigenaar van de watermolen, die hem in de jaren ’80 van de 19e eeuw verkocht aan Aloysius Kemps.

De watermolen had een stenen huis en een rad van zes meter doorsnee. Stroomopwaarts van de molen kon de molenaar het water opstuwen in een waterbekken, om ook bij lagere waterstanden de aandrijving te garanderen. Nadat eigenaar J.J. Kemps in 1933 was overgestapt op aandrijving met een motor werd het rad verwijderd. Een jaar later verkocht hij de molen aan J.B. Loos.

De watermolen in 1940
De watermolen in 1940

De molen werd zwaar beschadigd in 1944, toen de naastgelegen brug werd opgeblazen. De maalderij bleef op het perceel gevestigd, maar de laatste resten van de molen waren begin jaren ‘60 verdwenen.

Aanvulling 20-09-2017

door Rob van der Heijden

Mijn opa, Jan Kemps, was molenaar/eigenaar van een watermolen in combinatie met een stoommachine. Deze had hij overgenomen van zijn vader. Naderhand werd de molen aangedreven door een dieselmotor en toen er elektriciteit kwam, werd dat een elektromotor.

De watermolen in de jaren twintig (collectie R. v.d. Heijden)
De watermolen in de jaren twintig (coll. R. v.d. Heijden)

Mijn grootvader is geboren in Roosendaal op 24 oktober 1895 en aldaar overleden op 17 maart 1970. Mijn moeder was één van hun zes kinderen.

Ik heb nog twee foto's van de watermolen. Op de eerste foto staat links het woonhuis (Watermolenstraat 9 destijds, nu heet dat Watermolenberg) met daarop opa en mijn moeder (in de twintiger jaren). Op de tweede het waterrad tijdens de sloop daarvan (in de dertiger jaren).

De watermolen in de jaren dertig (collectie R. v.d. Heijden)
De watermolen in de jaren dertig (coll. R. v.d. Heijden)

Bekijk ook

Watermolens in Brabant

Water in Brabant

Donna van Wely stuurde een foto die haar opa, amateurfotograaf Luciën van Wely, maakte van de watermolen in 1902
 
De meesten zullen niet aan Brabant denken als het over “Nederland Waterland” gaat. Toch speelt het water ook in onze provincie een belangrijke rol. En eigenlijk is dat al heel lang zo: Noord-Brabant telt meer natuurlijke beken en beekjes dan bijvoorbeeld Gelderland. Brabanders hebben veel last gehad van het water. Denk daarbij aan overstromingen en aan de Beerse Maas. Op andere plekken was er regelmatig een watertekort. Zonder waterbeheersing zou een deel van de provincie onbewoonbaar zijn. Anderzijds verdienen we ook veel aan het water: als krachtbron, transportmiddel, in het productieproces of door visserij bijvoorbeeld. En we genieten van goed drinkwater, badhuizen, zwemwater en recreatieplassen. In dit thema bekijken we het water vanuit allerlei invalshoeken, zonder daarbij volledig te willen zijn. Klik hierboven op het onderwerp van je keuze voor meer informatie. Lees de uitgebreide inleiding Of deel je eigen verhaalOntdek het thema

Reacties

Reacties laden…