Voor de storingsmonteurs was er bij Philips Uden in de jaren vijftig van de vorige eeuw een oproepschema. Buiten de werkuren werd bij een storing in de fabriek de monteur thuis gewaarschuwd. Doordat de bazen en dienstdoende monteurs niet over een telefoon beschikten, werd de bediende - die met de storing te maken had - er met de fiets op uitgestuurd.
Met de deurbel of door met steentjes tegen het slaapkamerraam te gooien, werd de aandacht van de monteur getrokken. Het gebeurde wel eens dat het leek of er opzet in het spel was, zeker wanneer de machinebediende in de buurt woonde van de storingmonteur. Na de storingsmonteur te hebben gehaald, bracht de machinebediende meteen een bezoekje - soms midden in de nacht - aan zijn vrouw.



Na zijn dienstverband bij Philips werd de betreffende man wel gevraagd hoe de storingen waren ontstaan. Het antwoord was heel simpel. De machinebediende blokkeerde namelijk opzettelijk de machine, waarna de zekeringen doorsloegen. Vervolgens deblokkeerde de man de machine weer en moest de storingsmonteur maar gissen naar de oorzaak.
Later werd voor een telefoonaansluiting gezorgd. Maar het nadeel hierbij was dat de monteur toch aan huis gebonden bleef. In 1964 bracht Philips de semafoon op de markt, een nieuw product om draadloos een signaal af te geven. Deze semafoon werd ook voor de dienstdoende monteurs van Philips aangeschaft. Bij een storing waarbij hulp van buiten nodig was, werd dit aan de portier gemeld.

Deze maakte een telefonische verbinding die correspondeerde met de storing en prioriteit. Op zijn beurt gingen hierna letterlijk en figuurlijk bij de storingmonteur een of meerdere lampjes op de semafoon branden. Hierboven zien we een afbeelding van de betreffende semafoon die Philips in 1965 op de markt bracht het gewicht: 4,5 kilo en gevoed met batterijen. In 1971 presenteerde Philips op de Firato een vernieuwde uitvoering, zakformaat het gewicht 750 gram, gevoed met een accu. Nu - na 50 jaar - is de bovenstaande communicatie ondenkbaar vergeleken met de huidige. Voor de ene een voor- en de andere een nadeel.
