Er bestaat een legende dat er in een van de muren van de oude Vierlingsbeekse watermolen een schat verstopt zou zijn. Of dat verhaal ooit op waarheid heeft berust, is niet duidelijk. In ieder geval is-ie niet tevoorschijn gekomen toen terugtrekkende Duitse troepen de molen aan het eind van de Tweede Wereldoorlog in brand staken en de restanten opbliezen.

Maar misschien wilde de legende alleen maar zeggen dat de molen zélf de schat was. En dat hebben de mensen die voor de wederopbouw hebben geijverd goed begrepen.

De oorsprong van de Vierlingsbeekse watermolen ligt al in de 15e eeuw. De watermolen wordt voor het eerst in 1430 in akten genoemd, maar het kan heel goed zijn dat hij al ouder was. In 1672 sneed timmerman Heijligers de volgende tekst in de molen: “De molen moet malen, de zon moet dwalen, de vink moet slaan, de wereld zal vergaan”. Ook deze tekst heeft de verwoesting door de Duitsers niet overleefd. De molen maalde het graan van de lokale boeren, totdat nieuwe, snellere en betere technieken hun intrede deden. In de 19e eeuw kwam er concurrentie van een windmolen op de grens met Groeningen.

In de 20e eeuw werd de waterkracht vervangen door een diesel- en later een electromotor. Daarmee was het belang van de watermolen voor het malen van graan verdwenen. De Duitse actie deed de rest. Na de oorlog werd er dan ook jarenlang niet meer naar de oude watermolen omgekeken. Maar rond 1970 kreeg men weer oog voor verleden, erfgoed en de cultuurhistorische schat die deze watermolen vertegenwoordigde. En zo begon het project tot wederopbouw van de watermolen.

De huidige molen is een aanwinst voor Vierlingsbeek en omgeving . Hij geeft een goed beeld hoe het er in vroeger eeuwen uit moet hebben gezien. Een bezoekje aan deze gerestaureerde Vierlingsbeekse watermolen is dan ook zeker de moeite waard.

