In het door de sigarenindustrie gedomineerde Valkenswaard is het niet vreemd dat de eerste en enige auto met een rijkskenteken eigendom was van een sigarenfabrikant: Johannes Wilhelmus de Louw (1874-1940). Van hem is weinig bekend en hij zal dan ook niet tot de rijkste industriëlen hebben behoord.


Dat blijkt ook uit de keuze van zijn auto’s. Eind 1904 krijgt De Louw nummerbord 50 voor een voiture légère, de Darracq type Perfecta. Die typering blijkt weinig te stroken met de werkelijkheid: de auto is ‘te oordelen naar zijn toestand lang in gebruik geweest’. Een aftands exemplaar dus, gekocht van de Arnhemse autohandelaar Houttuin.
Binnen een jaar verkoopt De Louw dit vehikel inclusief het kenteken aan de Gebroeders Vlemmings in Geldrop. Die zijn - als handelaren in motorfietsen - wel geïnteresseerd in zo’n merkwaardige kruising van een motor en een auto.

De Louw koopt direct een andere auto, maar ook dit keer is het geen nieuw exemplaar. Het is een derdehandse 4 PK F.N., overgenomen van zijn collega-sigarenfabrikant Kerssemakers uit Gestel die de auto op zijn beurt weer had gekocht van baron Van Tuyll van Serooskerken in Heeze. Het kenteken is bij al die transacties hetzelfde gebleven: nummer 769.
In 1906 worden de provinciale kentekens ingevoerd, De Louw krijgt dan nummerbord N-404.

