Terug naar overzichtOverzicht
Donge-bruggen 1929 (links spoorbrug, rechts verkeersbrug). Foto: J. Veen

De Donge-spoorbrug

Jean Pierre Klaver

4 maart 2010

Water in Brabant

De Langstraatspoorlijn verbond Den Bosch via Waalwijk met Lage Zwaluwe en bevatte drie belangrijke spoorbruggen: de Moerputtenbrug, de brug over de Baardwijkse Overlaat bij Waalwijk en tenslotte de Dongebrug.

Donge-bruggen 1929 (links spoorbrug, rechts verkeersbrug). Foto: J. Veen
Donge-bruggen 1929 (links spoorbrug, rechts verkeersbrug). Foto: J. Veen

Deze laatste ligt in het traject Geertruidenberg-Raamsdonksveer en bestaat uit twee enkelsporige bruggen aan de Bergse zijde, elk 31 m lang, en een dubbelsporige draaibrug aan de Veerse zijde. De firma Kloos uit Kinderdijk heeft de brug aangelegd.

Bouw in 1883. Foto: Regionaal Archief West-Brabant
Bouw in 1883. Foto: Regionaal Archief West-Brabant

De brugpijlers hebben de vorm van een scheepsboeg en zijn, net als de landhoofden, fraai gedetailleerd met metselwerk en natuursteen. De spoorbrug is tegelijk aangelegd met de iets noordelijker gelegen verkeersbrug over de Donge. Beide bruggen delen de oostelijke pijler.

Op 1 november 1886 werd de Donge-spoorbrug in gebruik genomen. De hoge verwachtingen ten aanzien van de spoorlijn werden echter niet waargemaakt. Zo kwam het aantal dagelijkse personentreinen bijvoorbeeld nooit boven de acht per dag uit. Ook het goederenvervoer bleef achter bij de ramingen.

Oorlogsschade
Oorlogsschade

Eind oktober 1944 bliezen terugtrekkende de Duitse troepen de bruggen op, waarbij de draaibrug echter gespaard bleef. Van 1945 tot 1946 lag er een houten noodbrugje voor voetgangers over de kapotte verkeersbrug. In 1946 kon het spoortraject Lage Zwaluwe-Vlijmen weer in gebruik genomen worden voor goederentreinen. De passagiersdienst werd in oktober 1947 hervat.

Maar op maandag 31 juli 1950, om 19.36, vertrok de laatste trein vanuit Geertruidenberg naar Den Bosch. De NS hield definitief op met het passagiersvervoer op deze lijn. Het goederenvervoer ging nog wél door, al was de NS kort voor de Tweede Wereldoorlog begonnen het goederenvervoer in tweeën te splitsen, ten westen van de Donge (Lage Zwaluwe-Geertruidenberg) en ten oosten daarvan (Raamsdonk-Den Bosch). De spoordraaibrug over de Donge was dus overbodig en werd vanaf 1950 niet meer bediend. Hij stond voortaan altijd open voor de scheepvaart.

Het dubbele windwerk van de draaibrug: in het midden de liggende tandwielkast
Het dubbele windwerk van de draaibrug: in het midden de liggende tandwielkast

Het ijzerwerk van de brug is in 1954 voor het laatst grondig geschilderde en in 1963 is de verkeersbrug vervangen door een nieuwe, vaste brug.

In oktober 1972 is een binnenvaartschip tegen de (openstaande) spoordraaibrug aangevaren, waardoor de brug ontzet raakte. De brug is nooit gerepareerd.

De "vaste" draaibrug en de verkeersbrug
De "vaste" draaibrug en de verkeersbrug

Waarschijnlijk is in de zomer van 1972 (zie de commentaren hieronder) de oostelijke van de twee aanbruggen van de spoorbrug verwijderd. Van het traject Geertruidenberg-Raamsdonksveer resteren nog de spoorbrug en een deel van de spoordijk. Een lokale initiatiefgroep - de Stichting tot Behoud van Ons Erfgoed Geertruidenberg (BOEG) - zet zich in voor plaatsing van de draaibrug, “een technisch monument van de hoogste klasse”, op de Rijksmonumentenlijst.

De dubbelsporige draaibrug in een enkelspoorslijn
De dubbelsporige draaibrug in een enkelspoorslijn

Begin 2008 heeft de Raad van State echter vastgesteld dat de weigering door het Ministerie van OCW tot plaatsing op de Rijksmonumentenlijst correct was. De Stichting Spoorbrug Geertruidenberg heeft de historische spoorbrug in eigendom overgenomen van NS Vastgoed. Bij de overdracht kreeg men van NS een bedrag van € 50.000,= mee, voldoende voor het onderhoud van de brug voor tien jaar.

Bekijk ook

Bruggen in Brabant

Water in Brabant

De meesten zullen niet aan Brabant denken als het over “Nederland Waterland” gaat. Toch speelt het water ook in onze provincie een belangrijke rol. En eigenlijk is dat al heel lang zo: Noord-Brabant telt meer natuurlijke beken en beekjes dan bijvoorbeeld Gelderland. Brabanders hebben veel last gehad van het water. Denk daarbij aan overstromingen en aan de Beerse Maas. Op andere plekken was er regelmatig een watertekort. Zonder waterbeheersing zou een deel van de provincie onbewoonbaar zijn. Anderzijds verdienen we ook veel aan het water: als krachtbron, transportmiddel, in het productieproces of door visserij bijvoorbeeld. En we genieten van goed drinkwater, badhuizen, zwemwater en recreatieplassen. In dit thema bekijken we het water vanuit allerlei invalshoeken, zonder daarbij volledig te willen zijn. Klik hierboven op het onderwerp van je keuze voor meer informatie. Lees de uitgebreide inleiding Of deel je eigen verhaalOntdek het thema

Reacties

Reacties laden…