Deze foto heb ik vanuit mijn slaapkamer gemaakt, richting centrum. Ik weet niet precies meer in welk jaar, maar ik dacht eind ‘50 - begin '60, dus zeg maar rond 1960.

Mijn ouders hadden de woning gehuurd van de familie Remmen, die zelf op Breestraat 41 woonde. De huur bedroeg ƒ 4,75 per week (de vijfde week in de maand was gratis).
De familie Thij Janssen-Peeters had 5 kinderen. Onze buren waren de familie Karel Rijnen (schoenmaker) ook met 5 kinderen. Daarna is Tien Peeters en zijn vrouw er komen wonen.
Langs het huis liep ook een beek met het afvalwater van de melkfabriek. Rond 1966 is het huis afgebroken, onder andere vanwege de veiligheid: het stond op de gevaarlijke T-kruising met de Kolonel Silvertoplaan. Maar het huis was ook oud, en eigenlijk onbewoonbaar. De WC was een plank met een gat, er was geen douche en meer van die dingen.

Ons huis stak behoorlijk schuin de weg op, zoals je op de tweede foto goed kunt zien. Als de boeren gehooid hadden, en ze reden met paard en wagen hoog geladen met hooi langs ons huis, dan liepen we het risico (en het is ook werkelijk gebeurd) dat de pannen van dak afvielen.
We lagen daar onder die pannen in bed, en als we dan in de hooitijd zo’n paard-en-wagen hoorden aankomen, hielden we al bij voorbaat het hart vast.


